free web page counters

Home / Ik zoek hulp / SOS telefonische hulpdienst / Voorbeelden

Makkelijk is het niet, een nummer draaien, niet weten wie je te woord gaat staan, ‘mag' je wel bellen, is je probleem/verdriet wel groot genoeg? En, hoe is het met je na het gesprek? Ben je nu beter af?
SOS Telefonische Hulpdienst: 0900-0767

SOS Telefonische Hulpdienst: 0900-0767

algemeen | LinkS | voorbeelden

Ik ben overspannen.

Het gesprek:
'Hallo met Wim, kent u dat gevoel?'
Ik vraag: ‘Welk gevoel?'
'Dat je je helemaal uitgewrongen en op voelt!'
Zo start dit gesprek in de namiddag. Deze man van, ik schat achterin de 40, klinkt erg moe en wat trillerig. Meneer wacht op mijn antwoord en zegt nog eens:
'Kent u dat?' Ik antwoord 'ik ken dit gevoel wel, maar het gaat als ik eens flink doorslaap vaak weg'.
'Maar hoe is dit voor u?' Wim begint te vertellen.

Hij werkt al jaren in de bouw, als werkvoorbereider. Hij zegt: 'Veel voor weinig, weet u! Altijd overwerken en veel gezanik van m'n baas. Het lijkt wel of het nooit genoeg is. En nu zit ik sinds vorige week thuis, nog even en ik kan een ww-uitkering aanvragen, en of ik dan nog kan rondkomen? M'n schoonmoeder is zo'n drie weken geleden overleden en nu moet dat huis ook nog leeg. Een hele klus. En tja, alles bij elkaar, financiële zorgen, bijstand, ouders, werkeloos misschien, het is het me allemaal teveel geworden. Ik ben op', zegt Wim.

Ik hoor aan z'n stem dat hij het meent. ‘Wat rot voor u zeg. Het is u echt teveel hè?'. ‘Wat heeft u op dit moment het meeste nodig?'. Daar hoeft hij niet lang over na te denken: rust, rust en nog eens rust! Maar ja, dat kan niet. Ik vraag: ‘wat maakt dat dit niet zou kunnen?'. Hij reageert wat geïrriteerd, ik heb toch verteld dat het juist heel druk is. ‘Dat is waar, maar gaat het lukken om door te gaan?'. Wim is stil, en zegt vervolgens met een diepe zucht… nee… ik ben bang van niet. ‘Weten ze op uw werk dat u op uw tenen loopt?; vraag ik. Nee, maar dat durf ik ook niet te vertellen, zegt Wim. Ik laat een stilte vallen. Ja, misschien dat het goed is dit toch te doen. Hij vraagt: maar is dat niet stom? Ik zeg eerlijk dat ik dit niet stom vind, maar juist heel verstandig. ‘Is er iemand waarmee hij goed kan praten op zijn werk, zijn leidinggevende, iemand van de Arbo-dienst of een collega?' Hij weet het niet, en zegt… ik zal er eens over nadenken. En eindigt vrij abrupt het gesprek met: dag mevrouw. Ik wens hem nog snel het allerbeste en veel sterkte. Of hij dit nog hoort, vraag ik me af. Ik hoor namelijk dat de hoorn op de haak is gelegd.

Terug naar voorbeelden >>